Feed-aggregator
Onderzoek: hoe productafbeeldingen online aankoopbeslissingen beïnvloeden en wanneer niet
Online winkelen blijft wereldwijd groeien, met een totale e-commerceomzet van naar schatting 6 biljoen dollar in 2024 en consumenten in West-Europa die bijna 19 keer per jaar een aankoop online doen. In dit snelgroeiende landschap investeren webwinkels steeds meer in interactieve en contextuele productafbeeldingen om de aandacht van klanten te trekken. Maar werken deze visuele strategieën ook echt? Dat onderzocht promovenda Rowena Summerlin van Tilburg University.
Summerlin concludeert dat productafbeeldingen — vooral interactieve versies — wel degelijk invloed kunnen hebben op de aankoopintentie van consumenten, maar dat dit effect contextafhankelijk is. Volgens haar onderzoek vergroten interactieve beelden vooral bij individuele consumenten het gevoel dat een product van hogere kwaliteit is, wat de intentie om te kopen kan versterken. De impact hangt echter af van factoren zoals productprijs, type klant en het platform waarop de beelden worden getoond. Voor zakelijke klanten blijkt het effect vrijwel afwezig.
Analyses van echte marktplaatsdata laten zien dat contextuele afbeeldingen de verkoop op sommige websites kunnen verhogen, maar bij andere platforms nauwelijks effect hebben. De onderzoekers wijzen erop dat dit waarschijnlijk te maken heeft met de verschillende normen en gewoonten per online omgeving. De sterkste effecten deden zich voor bij duurdere producten en tijdens drukke koopperiodes, wanneer consumenten zelf meer onzeker zijn over hun keuze.
Nieuw Meta-patent: ‘doorposten bij afwezigheid of overlijden’
Techbedrijf Meta heeft een patent gekregen op een systeem waarmee een gebruiker kan blijven doorposten op sociale netwerken áls zichzelf terwijl hij langdurig offline of zelfs overleden is.
Het systeem is natuurlijk gebaseerd op een taalmodel dat is getraind op de uitingen van een specifieke gebruiker. Op grond van die informatie kan een Meta-machine de gebruiker simuleren in postings, comments en likes.
Het betreffende octrooi werd op 30 december 2025 aan Meta verstrekt.
Over het waarom van zegt Meta: “Als een gebruiker afwezig is op het sociale netwerkplatform, ontvangen de gebruikers die met die gebruiker verbonden zijn gedurende die periode geen content van die gebruiker. Daardoor wordt de gebruikerservaring van meerdere gebruikers beïnvloed. De impact op de gebruikers is veel ernstiger en blijvender als de gebruiker is overleden en nooit meer kan terugkeren naar het sociale netwerkplatform.”
Een woordvoerder van Meta zegt tegen Business Insider dat het bedrijf geen plannen heeft de nieuwe techniek in te zetten. Dat kan dus nog veranderen.
Over het filtersysteem van het mechanisme is onduidelijk. Het patent stelt niet expliciet welke drempel moet bereikt worden voordat het systeem reageert. Er wordt in elk geval gewerkt met relevantiebepaling. Het systeem bepaalt of een post relevant is voor die persoon. Er wordt ook gewerkt met een affinityscoring. Postings van dichtere vrienden of familie krijgen meer kans op een reactie dan vage kennissen.
In Nederland bestaat er in de vorm van Closure.nl een dienst waarmee nabestaanden bij meer dan 1.600 organisaties abonnementen kosteloos kunnen opzeggen, wijzigen of overdragen. Ook Meta-accounts.
Foto: Simoné Stander / Unsplash
Talpa Media test nieuw reclameplatform
Talpa Media test een nieuw reclameplatform dat met meer markt- en doelgroepkennis met minder mensenhanden reclamedeals kan sluiten en uitvoeren.
Het gaat om, wat Talpa noemt, een agentic advertising-deal die “volledig tot stand kwam via communicerende AI-agents, van aanvraag en onderhandeling tot boeking in de adserver.”
De pilot is uitgevoerd in samenwerking met bureau Draft Digital, de Amerikaanse techleverancier Scope3 en Springserve (van Magnite; CTV, OTT video). De noviteit is onderdeel van Synch, de AI-gedreven omgeving van Talpa Media.
Sync werd eind vorig jaar gepresenteerd. De eerste operationele stappen met derde marktpartijen worden in deze periode gezet.
Talpa Media omschrijft de werking als volgt. “Hier worden bereik, prijs en performance met elkaar verbonden, en kunnen proposities, data en doelgroepen direct worden toegepast. AI Agents ondersteunen bij planning, selectie en optimalisatie.”
“Onze AI-agents brengen data uit al onze media samen met onderzoek en marktinzichten om te komen tot kwalitatievere inzichten en effectievere campagnes. Deze data koppelen we vervolgens aan onze SSP’s Triton, Freewheel en Springserve, zodat we het hele proces kunnen faciliteren: van inzicht en planning tot inkoop en evaluatie.”
Booking, RTL, Odido en VodafoneZiggo naar Emerce Conversion
Bij Booking.com wordt elke productwijziging getest met A/B-experimenten: jaarlijks meer dan 15.000, met soms 1.000 tegelijk. Maar snelheid en schaal brengen risico’s voor de kwaliteit van experimenten met zich mee. Op Emerce Conversion, op 9 april in Pakhuis de Zwijger, hoor je hoe Booking.com hoogwaardige experimenten uitvoert op grote schaal, met maximale snelheid én impact.
Emerce Conversion is het jaarlijkse congres over conversie, in het jargon, CRO. CRO ontwikkelt zich van méér naar beter experimenteren. AI en automatisering vergroten de mogelijkheden, maar ook de risico’s. De kwaliteit van hypotheses, data en besluitvorming bepaalt de uitkomst. En schaal ontstaat door keuzes in teams, structuur en werkwijze.
Tijdens Emerce Conversion 2026 hoor je de laatste ontwikkelingen van merken als Booking.com, Odido, Praxis, Nu.nl, RTL Nederland, Specsavers en VodafoneZiggo.
AI kan CRO en analytics enorm versnellen, maar versterkt zowel het goede als het slechte. Lucas Vos van RTL Nederland legt uit waarom grip op data de voorwaarde is voor succesvolle experimentatie en AI-toepassingen.
Aan de hand van praktijkervaring bij RTL laat hij zien hoe strakke datamanagementprocessen de basis vormen voor betrouwbare experimenten, snellere leercycli en toekomstbestendige analytics. Ook behandelt hij de impact van privacywetgeving, geopolitieke ontwikkelingen en platformafhankelijkheid op moderne CRO-programma’s.
Maite Bemelman deelt haar ervaring als CRO-specialist in een developer-gedreven productteam bij VodafoneZiggo. Experimenteren draait niet alleen om data en hypotheses, maar vooral om samenwerking, afstemming en ownership. Veel CRO-specialisten starten met aannames over developers, zoals dat ze te druk zijn of verandering tegenwerken. Het kernpunt: experimenteren werkt het beste als teaminspanning.
Ook hoor je hoe Specsavers een praktisch raamwerk ontwikkelt om gedragsverandering te begrijpen, te sturen en te beïnvloeden.
Ook ANWB loopt tegen uitdagingen aan. Mariska Buijs laat zien hoe haar team van losse experimenten evolueerde naar een gestructureerd programma dat écht impact maakt, met focus op probleemoplossing.
In de zoektocht naar hogere conversieratio’s vertrouwen organisaties vaak op dashboards en A/B-testen. Maar cijfers tonen vooral wat er gebeurt, niet waarom. Arie Bart de Vries van NU.nl laat zien hoe betere beslissingen ontstaan wanneer data wordt gecombineerd met de stem van de gebruiker.
Tot en met 4 maart kun je nog early bird kaarten kopen voor het congres.
Mistral investeert 1,2 miljard in Zweedse AI-locatie
De Europese tegenhanger van OpenAI en Anthropic, het Franse bedrijf Mistral, investeert 1,2 miljard euro in een nieuw datacentrum.
Het gaat om een locatie bij Börlange met een capaciteit van 23 megawatt en die ontwikkeld wordt met EcoDataCenter.
De keuze valt op Scandinavië omdat daar veel groene energie beschikbaar is.
Naar verwachting gaan de GPU’s in 2027 aan de slag voor tools als Le Chat en het recent gelanceerde audiomodel.
Amsterdams AI-platform Orq.ai brengt LLM-router uit
Het Amsterdamse bedrijf Orq.ai brengt zijn AI-router als zelfstandig product uit. Daardoor krijgen techteams controle over de kosten en gebruikersbeheer als ze met meerdere AI-modellen werken.
Wat eerder alleen beschikbaar was als onderdeel van het bredere platform, kunnen bedrijven nu los inzetten als gateway voor het aansturen van meerdere grote taalmodellen tegelijk. De timing is niet toevallig, want de markt voor AI-infrastructuur staat onder druk van snel stijgende kosten, toenemende modelcomplexiteit en een verscherpte Europese discussie over digitale soevereiniteit.
Het probleem dat Orq.ai wil oplossen is herkenbaar voor iedereen die professioneel met generatieve AI werkt. Binnen een en dezelfde organisatie wordt een brede waaier van AI-modellen en versies daarvan gebruikt. “Spaghetti”, in de woorden van ondernemer Sohrab Hosseini. “Versnipperde integraties, onvoorspelbare kosten en gebrekkig zicht op wat er onder de motorkap gebeurt.”
Hij zag de vraag naar het routerproduct uit zijn platform, ontwikkeld met compagnon Anthony Diaz, behoorlijk stijgen en besloot het als aparte oplossing aan te bieden. Die router, een soort verkeersregelaar, is één centrale laag die al het modelverkeer beheert. Op dat niveau wordt ook bepaald wanneer een applicatie van model moet wisselen, “dat kan een kostenbesparing opleveren van tien tot vijftig procent”, en wie wat mag doen met wat voor tokenbudget.
Volgens Hosseini kijken AI- en productteams bij hun modelkeuzes altijd naar een constante driehoek: kwaliteit, performance en kosten. De router probeert die afweging te automatiseren en te optimaliseren.
Maar de router doet meer dan alleen goedkoper routeren. Organisaties kunnen beleid definiëren op basis van geografische herkomst, latency, kosten of eigen criteria. Verzoeken kunnen worden verdeeld over meerdere modellen tegelijk, budgetten kunnen per gebruiker of team worden toegewezen, en sleutelbeheer wordt gecentraliseerd. Zo kunnen bedrijven hun AI-infrastructuur sturen zonder elke keer hun applicaties te hoeven herschrijven.
Een van de eerste grote klanten die de meerwaarde in de praktijk heeft ervaren is bunq, de Amsterdamse neobank.
Wat de lancering extra actueel maakt, is de geopolitieke context. Hosseini benadrukt dat soevereiniteitsvragen rondom AI in Europa de afgelopen periode zijn verschoven van beleidsdiscussie naar operationele realiteit. Waar bedrijven voorheen primair stuurden op functionele eisen (“Kan het model de taak aan?”) worden nu ook non-functionele vragen leidend: waar draait de inferentie precies, wie beheert de infrastructuur, en hoe snel kan een organisatie omschakelen als de geopolitieke situatie dat vereist?
Die vragen worden in de praktijk beantwoord op routeringsniveau. Orq.ai positioneert de router dan ook expliciet als het punt waar infrastructuurbeslissingen worden afgedwongen. De software kan volledig binnen de eigen infrastructuur van een klant worden uitgerold, inclusief ondersteuning voor private, ‘airgapped’ modellen, iets wat gangbare cloudfirst alternatieven doorgaans niet bieden.
Bovenop de router biedt Orq.ai zijn AI Studio, waarmee teams de volledige levenscyclus van hun AI-producten kunnen beheren, van experimenteren en evalueren tot uitrollen en optimaliseren. In de planning staat ook een zogeheten Agent Control Tower, die Hosseini omschrijft als een HR-functie voor AI-agents: een beheerslaag waarmee organisaties hun agent-workforce kunnen aansturen, monitoren en aanpassen. Orq.ai noemt dit intern Agent Resource Management, of kortweg ARM.
Mediahuis laat AI-agents het nieuws schrijven
Uitgever Mediahuis doet een proef waarbij het AI-agents nieuwsverhalen laat schrijven over onderwerpen die zich op dit moment voordoen de fysieke wereld.
Als het onderwerp groot of polariserend genoeg is, wordt een menselijke journalist ingezet om een verdiepend verhaal te schrijven of een bredere context te schetsen.
Tijdens haar presentatie op het FT Strategies News in the Digital Age-event in Londen vertelde Ana Jakimovska niet bij welke Vlaamse titels dat plaatsvindt. Jakimovska is hoofd AI-strategie bij het mediahuis.
Het experiment is op zich vrij rechttoe rechtaan.
Per krantentitel bouwt men een bestand dat de redactionele formule van die uitgave bevat. Vervolgens is er een agent die de e-mailbussen en reguliere nieuwsfeeds uitluistert en bepaalt of iets bij die titel past. Vervolgens schrijft deze een item van 300 tot 500 woorden en vindt er een aantal kwaliteitschecks plaats.
De agents gebruiken bronnen als persbureaus, consumentenorganisaties, publieke omroepen, sites van overheidsinstanties en X-accounts van bekende figuren als referentiepunt en bron. Aan het einde van de rit zit een human in the loop die het item al dan niet publiceert.
Mediahuis is uitgever van titels als De Standaard, De Telegraaf en de Irish Independent.
Foto: Bernd Dittrich / Unsplash
Last onder dwangsom voor illegaal kansspelaanbod Polymarket
De Kansspelautoriteit (Ksa) legt Adventure One QSS Inc een last onder dwangsom op voor illegaal kansspelaanbod. Adventure One biedt onder de merknaam Polymarket kansspelen op de Nederlandse markt aan, zonder dat zij daarvoor een vergunning hebben.
De Ksa roept Polymarket op haar activiteiten direct te staken. Als dit niet gebeurt krijgt het bedrijf een dwangsom van 420.000 euro per week opgelegd, met een maximum van 840.000 euro.
De afgelopen maanden is Polymarket veelvuldig in het nieuws geweest, met name rondom de weddenschappen op de Nederlandse verkiezingen. Hoewel Polymarket zelf aangeeft dat prediction markets niet onder de noemer kansspelen vallen, heeft de Ksa daarover een ander standpunt ingenomen.
Na contact met het bedrijf over de illegale activiteiten op de Nederlandse markt is geen zichtbare verandering opgetreden en is het aanbod nog steeds beschikbaar. De Kansspelautoriteit legt daarom nu deze last onder dwangsom op. Daarnaast kan op een later moment nog een omzetgerelateerde boete worden opgelegd.
Ella Seijsener, directeur vergunningen en toezicht bij de Ksa: ‘Prediction Markets zijn in opkomst, ook in Nederland. Dit soort bedrijven biedt weddenschappen aan die op onze markt hoe dan ook niet zijn toegestaan, ook niet door vergunninghouders. Naast de maatschappelijke gevaren van dit soort voorspellingen (bijvoorbeeld de mogelijke beïnvloeding van verkiezingen) stellen wij vast dat het hier om illegaal gokken gaat. Wie geen vergunning van de Ksa heeft, heeft op onze markt niets te zoeken. Dat geldt ook voor dit soort nieuwe gokplatforms.’
Unilever sluit grote marketing-AI-deal met Google
Unilever sluit een wereldomspannende technologiedeal gesloten met Google Cloud, waarmee het concern zijn volledige marketing- en data-infrastructuur omgooit.
Dit moet de basis leggen voor nieuwe manieren om met de klant te communiceren en om te gaan met veranderd klantgedrag en nieuwe technologieën.
“De bedrijven zullen samenwerken om de volgende generatie marketingmogelijkheden te ontwikkelen op het gebied van merkontdekking, conversie, meting en AI-gegenereede mediacreatie, zodat Unilever voorop blijft lopen in de veranderingen op het gebied van technologie en consumentengewoonten.”
Met de deal denkt Unilever een weg in te slaan die als voorbeeld dient voor andere fabrikanten van consumentenartikelen.
Het zal ook de ontwikkeling van agentic workflows faciliteren. Dat is een technisch complexe manier om computers te laten samenwerken. De mens heeft daarbij hooguit de rol van regisseur en kwaliteitscontroleur. Niet veel corporate bedrijven draaien dit op schaal met AI als basis.
“Technologie staat centraal in de waardecreatie”, aldus Willem Uijen (foto), chief supply chain en operations officer van Unilever. “Naarmate merken steeds vaker worden ontdekt en gekozen in omgevingen die door AI worden gevormd, moeten wij deze verschuiving aanvoeren.”
In Nederland is Unilever bekend van tientallen merken als Axe, Calvé, Knorr, Glorix, Dove, Zwitsal en Neutral.
Unilever voert een fundamentele strategische heroriëntatie door onder het Growth Action Plan (GAP) 2030, gericht op ‘minder dingen, beter doen, met groter impact’. Hierin spelen de optimalisering van techinfra en de bevoorradingslijnen een belangrijke rol naast marketingtechnieken als social-first en e-commerce.
Ray-Ban verkoopt 7 miljoen AI-brillen
Brillenfabrikant Ray-Ban heeft in 2025 zeven miljoen brillen verkocht die met internet zijn verbonden en AI van Meta erin hebben.
Er is niet één regio die eruit springt, dus er is internationaal een redelijk gelijke verdeling. Dat zegt EssilorLuxottica in zijn jaarbericht.
Dat aantal verkochte AI-brillen is behoorlijk, omdat er in de twee jaar ervoor opgeteld twee miljoen over de toonbank gingen.
Dit signaleert dat er op de consumentenmarkt op zijn minst zekere vraag is naar dit type producten. Dat beeld wordt gevestigd door de recente stap van Snap Inc. om zijn hardwaredivisie, met daarin AR-bril Specs, in een apart bedrijf te zetten.
Foto: Gus Tu Njana / Unsplash
Portugal: minimumleeftijd socialmedia naar 16 jaar
Kinderen in Portugal mogen volgens een nieuw wetsvoorstel niet op socialmedia zonder expliciete en aantoonbare toestemming van hun ouders.
Kinderen jongeren dan dertien jaar mogen helemaal niet op platformen als Instagram en TikTok.
Dat is de slotsom van een wetsvoorstel uit het parlement van Portugal, dat met een meerderheid is aangenomen.
Het toezicht wordt neergelegd bij overheidsinstanties Anacom en CNPD.
Het cordon sanitaire rondom socialmedia richting kinderen in Europa sluit zich in rap tempo. In Engeland, Denemarken, Frankrijk, Spanje en Nederland is of komt wetgeving die vergelijkbare beperkingen opleggen aan bedrijven als Meta en ByteDance.
Verdeling stemmen Portugees parlement:
Foto: Windenric (cc)
Coolblue plant minstens tien extra winkels in België
Coolblue breidt flink uit in België. Een dezer dagen opende het bedrijf al een nieuwe winkel in Drogenbos, en later dit jaar volgt ook Sint-Niklaas.
De retailer ziet de komende jaren nog ruimte voor minstens tien extra winkels in België en is daarom actief op zoek naar geschikte locaties in grote steden, waaronder Brussel, Charleroi en Leuven. Ook in Wallonië, waar het bedrijf veel groeipotentieel ziet, worden bijkomende investeringen overwogen.
Daarnaast opent het bedrijf dit jaar in Antwerpen een nieuw, toekomstgericht depot voor tv’s en witgoed. Vanuit dit depot kan Coolblue nog meer Belgische klanten sneller en efficiënter bedienen via CoolblueBezorgt, de eigen bezorg- en installatieservice voor onder meer wasmachines, koelkasten en televisies.
In 2026 investeert Coolblue verder aan zijn winkelnetwerk in Nederland en Duitsland. Zo wil het bedrijf dit jaar in de drie landen samen tien extra winkels openen, waarvan minstens zes in Nederland. Onder andere Apeldoorn en Berlijn staan op de planning.
‘Nederland structureel achter in AI-adoptie arbeidsmarkt, buurlanden versnellen’
Nieuwe arbeidsmarktdata van Indeed laat zien dat Nederland achterblijft in de vraag naar AI-vaardigheden binnen vacatures. Waar de aanwezigheid van AI-termen in vacatures in landen als Ierland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk de afgelopen vijf jaar sterk toeneemt, blijft Nederland opvallend stabiel op een lager niveau. Daarmee ontstaat het beeld dat internationale AI-ontwikkeling sneller gaat dan de adoptie ervan binnen Nederlandse organisaties.
Uit de analyse van miljoenen vacatures op Indeed, ‘s werelds grootste vacaturesite, blijkt dat het aandeel vacatures die AI-termen bevatten sinds 2019 nauwelijks is toegenomen. In 2019 ging het om 1,7 procent van het totale aantal vacatures. Eind 2025 is het aandeel 2,5 procent. Met deze beperkte groei loopt Nederland steeds verder achter op andere Europese landen, waar AI in versneld tempo onderdeel is geworden van functieomschrijvingen in vacatures.
Ierland gaat voorop in de vraag naar AI-vaardigheden: het aandeel vacatures op Indeed stijgt daar van 4,2% (2019) naar 11,2% (2025). Spanje is net als Ierland een uitschieter vergeleken met de andere Europese landen (van 3,1% naar 10,7%). Ook in het Verenigd Koninkrijk (van 2,2% naar 6,1%) groeit het aandeel AI-termen in vacatures in dezelfde periode flink. Daarmee wordt AI een steeds groter onderdeel van de arbeidsmarkt in deze landen.
“Terwijl AI-vaardigheden in toenemende mate gevraagd worden in andere Europese landen, blijft Nederland daar opvallend in achter”, aldus Stan Snijders, Managing Director van Indeed Benelux. “Dit is geen tijdelijke beweging, maar een structurele trend, en het onderstreept de kansen die er liggen. Vergeleken met andere landen kunnen Nederlandse werkgevers nog flinke stappen zetten om AI een prominentere rol te geven in hun vacatureteksten, en daarmee dus in hun functies en organisatie als geheel. Opvallend genoeg maken Nederlandse werknemers wel al volop gebruik van AI: uit eerder onderzoek van Indeed blijkt dat inmiddels 59% AI inzet op de werkvloer. Tegelijkertijd heeft nog maar 36% van de organisaties intern beleid over AI-gebruik.”
Eind 2025 benadrukte het Nationaal AI Deltaplan de noodzaak van gerichte AI‑adoptie en bijscholing om Nederland concurrerend te houden in het AI‑tijdperk. De recente data van Indeed bevestigt dit beeld: de vraag naar AI‑vaardigheden groeit beperkt, terwijl andere Europese landen juist een duidelijke versnelling laten zien. In het Deltaplan wordt onder meer opgeroepen om te investeren in een concurrerend AI‑ecosysteem en AI-adoptie te verbeteren.
Lassie haalt 70 miljoen op voor EU-expansie huisdierverzekeringen
Het Zweedse insurtech-platform Lassie rondt een Series C-financieringsronde af en haalt daarmee 70 miljoen euro groeigeld op.
Daarmee wil het zijn bereik uitbreiden voorbij de huidige markt Zweden, Frankrijk en Duitsland. Het bedrijf profileert zich iets anders dan louter een verzekeraar.
Investeerders in deze ronde zijn Balderton Capital, Felix Capital, Inventure, Passion Capital en Stena Sessan.
Lassie besteedt veel aandacht aan preventie, onder meer via ‘zorgcursussen’ van dierenartsen, en draaien heel sterk op AI.
Zestig procent van de schadeclaims in Duitsland wordt end-to-end in pakweg zes minuten verwerkt. Negentig procent van de claims worden door AI ondersteund met claims-automatisering en personalisering.
Eerder dit jaar bereikte Lassie uit Stockholm de grens van 250.000 verzekerde huisdieren.
De omzet ging over de grens van honderd miljoen euro herhaalomzet. Het team bestaat uit ongeveer vijftig medewerkers. Dat is weinig in verhouding bij zo’n grote omzet. Het lage aantal medewerkers wordt gezien als het hebben van een hoge mate van efficiëntie. De Amerikaanse verzekeraar Lemonade wordt hetzelfde toegedicht.
Strategisch zet Lassie in op uitbreiding van zijn ecosysteem. Het bedrijf heeft samenwerkingen gesloten met retailgigant Lidl en met Tractive voor GPS- en gezondheidsmonitoring van huisdieren. Daarnaast biedt het platform in-app verkoop van huisdierproducten, digitale dierenartsconsultaties en educatieve cursussen.
In de Europese huisdierenmarkt wordt jaarlijks voor circa vijftig miljard euro uitgegeven aan producten en diensten.
Lassie concurreert in dit segment met platformspecialisten als Dalma, Napo en ManyPets, naast traditionele verzekeraars die huisdierverzekeringen in hun portfolio hebben.
Foto: Maryna Nikolaieva / Unsplash
Airbnb: AI handelt 1/3 klantvragen af
Reizigers die een vraag stellen aan de klantenservice van Airbnb hebben waarschijnlijk een AI aan de lijn gehad. In het Engels lossen deze agents 1/3 van de vragen op.
In de loop van 2026 breidt Airbnb deze werkwijze uit naar alle landen waar het menselijke medewerkers heeft op de klantenservice. Ze vermoeden dat het zogeheten resolutiepercentage verder zal stijgen.
Momenteel gaat het enkel om hulpvragen die via geschreven chat worden verstuurd, maar het reisbedrijf wil ook voice-gebaseerde acties kunnen uitvoeren. In mensentaal: gasten kunnen met een AI-agent bellen, die hun issue oplost.
Dit komt naar voren in de toelichting op de kwartaalcijfers die Airbnb vorige week publiceerde.
Speciaal om diepe AI-expertise in de organisatie te bakken, stelde het platform de nieuwe cto Ahmad Al-Dahle aan. Hij wordt gezien als een leidende expert op dit gebied, met ervaring bij onder meer Apple en Meta.
Momenteel worden er kleine experimenten gehouden met AI-search. Al pratende met de ‘logeerdienst’ kan de reiziger naar een passend verblijf worden geloodst.
Ceo Brian Chesky zegt, dat de investeringen in AI geen wezenlijke impact op de winst- en verliesrekening heeft. Evenmin op de kapitaalbestedingen, want Airbnb bouwt geen eigen modellen en geen grote datacenters. Ze gebruiken bestaande modellen als ChatGPT, Gemini, Claude, Kimi en Qwen.
Foto: Karsten Winegeart / Unsplash
Nederlander betaalt voor snelheid die hij niet gebruikt
Nederlanders kiezen bij het afsluiten van een nieuw internetabonnement steeds vaker voor hogere snelheden. Dat blijkt uit data over 2025 van vergelijkingswebsite Overstappen.nl. Vooral in de tweede helft van het jaar werd de voorkeur voor sneller internet (1 t/m 8 Gbit/s) groter. In het eerste kwartaal koos 26% van alle overstappers hiervoor; in het laatste kwartaal was dat 31%. Dit terwijl een snelheid van 100 Mbit/s voor de meeste huishoudens voldoende is.
De grootste verschuiving in abonnementskeuzes is te zien bij de hoge internetsnelheden (1 t/m 8 Gbit/s). Met deze zogeheten ‘gigabit-verbindingen’ kunnen grote gezinnen moeiteloos tegelijk gamen en 4K-films streamen. Het aandeel van deze snelheid steeg van 26% in het eerste kwartaal naar 31% in het vierde kwartaal van 2025.
Het aantal mensen dat kiest voor het middensegment (150 t/m 500 Mbit/s) laat een stabieler beeld zien. Het percentage overstappers dat voor deze snelheid kiest, schommelt het hele jaar tussen de 14,5% en 17,4% en groeit daarmee minder hard dan de categorie met hoogste snelheden.
De toenemende voorkeur voor snellere internetsnelheden haakt in op een bredere discussie over passend internetgebruik. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) gaf recent aan dat veel consumenten betalen voor internetsnelheden die zij in de praktijk niet volledig benutten. De ACM wil dat providers klanten voortaan beter adviseren welke snelheid daadwerkelijk nodig is.
De lage snelheden (50 Mbit/s en 100 Mbit/s) blijven over heel 2025 de meest gekozen optie. Toch nam het aandeel mensen dat voor lage snelheden koos in de loop van 2025 af. In het eerste kwartaal koos 59% van de overstappers voor een van deze snelheden; in het vierde kwartaal was dat nog 52%. Hoewel deze pakketten als ‘traag’ worden bestempeld, is deze snelheid voor een huishouden van een of twee personen dat wil thuiswerken en tv-kijken in de praktijk vaak ruim voldoende.
De verschuiving naar hogere internetsnelheden is ook zichtbaar in de gemiddelde gekozen downloadsnelheid. In het eerste kwartaal van 2025 lag die op 607 Mbit/s. In het vierde kwartaal volgde er een duidelijke stijging naar gemiddeld 707 Mbit/s.
Hoe draagt LinkedIn bij aan de winnende aanbesteding?
1,3 miljard voor Europees AI-infrabedrijf
Het Britse AI-infrabedrijf Nscale haalt 1,3 miljard euro groeigeld op bij Amerikaanse geldschieters.
Met het geleende geld, er is dus geen eigendom verkocht, willen de Britten meerdere clusters gaan bouwen. Die komen onder meer in Noorwegen, Portugal, IJsland en het Verenigd Koninkrijk.
Het bedrijf werd in mei 2024 opgericht en is inmiddels uitgegroeid tot een belangrijke speler in Europese AI-infrastructuur.
Ze bouwen en exploiteren datacentra met GPU-clusters, leveren compute-infrastructuur voor AI-training en -inferencing en doen dat vanuit een volledig geïntegreerde stack met hardware, software en beheertools.
Partijen die eerder investeerden, zijn OpenAI en Nvidia. Microsoft zegde direct al toe een serieus grote klant te willen worden. Kort daarna rondde het nog eens een Series B-ronde af. Daarmee werd nog eens een miljard euro opgehaald.
Een kenmerk van Nscales expansiestrategie is de geografische positionering van zijn datacentra. Het bedrijf opereert op locaties die toegang bieden tot enkele van de goedkoopste hernieuwbare energiebronnen ter wereld, zoals het hydrorijke Noorwegen.
Apple ontkent uitstel Gemini-integratie Siri
Volgens Bloomberg-journalist Mark Gurman zouden de slimme Siri-functies oorspronkelijk worden uitgebracht in iOS 26.4, een systeemupdate die gepland staat voor maart. Dat lijkt nu weer later te worden. Maar Apple zelf ontkent de vertraging en stelt dat de nieuwe Siri er nog dit jaar aankomt.
Volgens Bloomberg kampt Apple met interne problemen bij het testen van de nieuwe Siri-functionaliteit. Daardoor wordt het uitrollen van alle nieuwe functies verspreid over meerdere updates: sommige mogelijk pas in iOS 26.5 (verwacht rond mei) en andere zelfs pas in iOS 27 in september.
Persoonlijke data-integratie — Siri’s vermogen om bijvoorbeeld je oude berichten te doorzoeken om iets voor je te doen, komt ook later dan gepland. En functies waarmee Siri acties in apps kan uitvoeren, zijn nog niet klaar voor iOS 26.4.
iOS 26.3 is inmiddels uitgebracht, maar bevat nog geen Gemini-Siri-functies.
Apple heeft pas in januari het officiële contract getekend om Gemini-AI te gebruiken, na eerdere overwegingen zoals een eigen model of technologie van Anthropic.
OpenAI stelt bedenker van OpenClaw aan
De Oostenrijkse bedenker en ontwikkelaar van OpenClaw, Peter Steinberger, gaat in de toekomst bij OpenAI werken.
Dat kondigt hij aan in een blogpost. Zijn geesteskind OpenClaw, dat in tien weken mateloos populair werd bij technische AI-knutselaars, wordt in een stichting ondergebracht. Zodoende kan het onafhankelijk worden doorontwikkeld.
OpenAI’s doel van Steinbergers aanstelling is duidelijk. In de woorden van Sam Altman: “De toekomst zal extreem multi-agent zijn.” De expertise van een ontwrichten of versneller op dat vlak haalt hij in huis.
Peter Steinberger is joining OpenAI to drive the next generation of personal agents. He is a genius with a lot of amazing ideas about the future of very smart agents interacting with each other to do very useful things for people. We expect this will quickly become core to our…
— Sam Altman (@sama) February 15, 2026
Uit het blog van de Oostenrijker lijkt te spreken dat de overstap naar OpenAI een week geleden nog geen gelopen race was. Want: “Ik heb vorige week in San Francisco doorgebracht om met de belangrijkste laboratoria te praten”.
OpenClaw is als een persoonlijke assistent die op je computer woont. In plaats van alleen vragen te beantwoorden, kan het echt dingen doen en maken. Typische usecases zijn: inboxmanagement en e-mailautomatisering, reminders sturen per Whatsapp en het beheer van takenlijstjes vanuit één chatinterface. Maar bijvoorbeeld ook: het boodschappenlijstje in de AH-app invullen aan de hand van gewenste recepten.
Het grote verschil met ChatGPT is, dat OpenClaw acties uitvoert. Zaken regelt op een lokale computer, die niet per se met internet verbonden hoeft te zijn.
Op Github heeft de open source-assistent 200.000 sterren, er zijn 35.000 forks (‘varianten’) en 2,3 miljoen downloads afgelopen maand.
Foto: Louis Hansel / Unsplash
